|
|
Voor en na de bedrijfsovername
Advies/Opinie,
08-10-2011
Als er een bedrijfsopvolger in beeld komt, is schaalvergroting een veel gekozen route. Er komen een paar extra handen bij, die flink wat werk kunnen verzetten en extra inkomen is nodig om te kunnen blijven investeren en consumeren.
Als het bedrijf wordt overgenomen, is het veelal gegroeid naar minimaal een tweemansbedrijf, omdat de ouders op het bedrijf werken. Maar dit is geen blijvende situatie. Steeds vaker besluiten de ouders tijdig een stap te terug te doen.
In de praktijk komt het regelmatig voor, dat de opvolger aangeeft, dat er weinig financiële ruimte is om voor het werk dat vader en/of moeder niet meer doen, een betaalde kracht in te huren. Het is ook lastig een goede vakman of -vrouw te vinden, die het werk van de ouders kan overnemen.
De bedrijfsomvang weer laten inkrimpen, zodat het werk beter rondgezet kan worden, is meestal geen optie. Zeker niet als er flink geïnvesteerd is in gebouwen zoals melkveestallen of stallen voor varkens of kippen. Ook bij akkerbouwers die de groei van de bedrijfsomvang gepaard hebben laten gaan met investeringen in opslag en verwerkingscapaciteit, is krimp geen optie. Dat heeft een negatief effect op de kostprijs.
De vraag is of er vóór de bedrijfsovername wel goed wordt nagedacht over hoe het bedrijf er na de overname moet uitzien. Op het moment dat de opvolger zich aandient, is het al nodig te bekijken waar hij of zij in de toekomst mee verder wil en waar voldoende rendement mee is te behalen. Ik noem een aantal opties: het moet een gezinsbedrijf blijven, het moet een bedrijf worden dat verder gaat met betaalde arbeidskrachten, het bedrijf gaat een samenwerkingsverband aan met andere collega’s of het bedrijf wordt na de overname gesaneerd en gaat verder met de tak waar de opvolger het best tot zijn recht komt en een goed inkomen mee kan verdienen.
Bij de eerste optie kunnen de opvolger of de ouders ervoor kiezen ten tijde van de samenwerking extra inkomen buiten het bedrijf te verwerven. Het bedrijf hoeft dan niet op te schalen. Groei is nog mogelijk door het vergroten van de arbeidscapaciteit, bijvoorbeeld door automatisering of door werk aan de loonwerker of collega-ondernemers uit te besteden.
personeel
Bij de tweede optie kan het bedrijf tijdens de periode van samenwerking verder opschalen, specialiseren of verbreden. De opvolger moet tijdig bedenken hoe hij het arbeidsplaatje na terugtrekking van de ouders gaat invullen en of hij de capaciteit en de wil heeft om personeel aan te sturen.
Bij een samenwerkingsverband zijn er kostenvoordelen door lagere machinekosten en het beter benutten van betaalde arbeid, maar de hoeveelheid werk wordt niet minder.
De vierde optie komt regelmatig voor. Bijvoorbeeld een gemengd bedrijf waarbij de opvolger verder gaat met melkvee en de varkenstak afstoot. Door tijdig in beeld te hebben hoe het bedrijf er na de overname moet uitzien, is het gemakkelijker de juiste route te kiezen.
Jan Lucas Spijkman,
LTO Noord Advies
Bron: Nieuwe Oogst, 8 oktober 2011